Hoe benaderen gemeenten hun klanten en werkgevers als het gaat om loondispensatie? Hoe kijken ze aan tegen de toegangstoets? Deze en andere onderwerpen kwamen aan bod tijdens de terugkomdagen op 29 november en 8 december. De 32 pilotgemeenten spraken met elkaar en SZW, VNG, UWV en Divosa over hun ervaringen met instrument loondispensatie.
Plaatsingen
Opvallend is het grote verschil tussen gemeenten in het aantal plaatsingen tot nu toe. Onder andere Oldenzaal, Enschede, Alkmaar e.o. en Oss presteren relatief goed. Een aantal factoren lijkt bij te dragen aan succes: zoals actief betrokken bestuurders, de inzet van voldoende capaciteit voor de uitvoering en een sterk werkgeversnetwerk.
Toegangstoets
Gemeenten zien de toegevoegde waarde van een toegangstoets bij de inzet van loondispensatie, namelijk als snelle preselectie en als formele start van de pilot voor een cliënt. Anderen geven aan dat ze de toets bureaucratisch en omslachtig vinden. Ook geven gemeenten aan dat de toegangstoets voor meer interpretaties vatbaar blijkt. Met pilotgemeenten worden daarom de onvolkomenheden van de huidige toegangstoets in kaart gebracht, zodat dit voor de inwerkingtreding van de WWNV is opgelost.
Werkgeversbenadering
Belangrijke succesfactor is een goed werkgeversnetwerk. Gemeenten die steeds veel hebben geïnvesteerd in de relatie met werkgevers in de regio, plukken er nu de vruchten van.
Toch zijn er bij sommige werkgevers nog aarzelingen. Op de vraag wat werkgevers ervan weerhoudt om mensen met loondispensatie te laten werken, geven de gemeenten aan: werkgevers denken dat de mensen te weinig kunnen werken, ze zijn bang voor ziekteverzuim, werkgevers zien op tegen administratieve rompslomp en zijn onbekend met de doelgroep. Positieve punten van loondispensatie zijn dat de werkgever betaalt voor wat hij krijgt en dat hij kan meewerken aan de ontwikkeling van de werknemer. Zo maakt de gemeente Oldenzaal de werkgevers medeverantwoordelijk voor de ontwikkeling van de cliënten. Daardoor raken werkgevers extra gemotiveerd om zich in te zetten voor de doelgroep. Een aantal gemeenten ziet dat de werkgever na de proefplaatsing geen loondispensatie wil, maar kiest voor een arbeidscontract zonder loondispensatie. "Dit is vooral omdat ze geen gedoe willen. Al zit dit 'gedoe' vaak in het hoofd van de werkgever."
Er is ook sprake van concurrentie tussen loondispensatie en andere regelingen. "Sommige werkgevers zijn gewend aan loonkostensubsidie en participatieplaatsen, die moeten we heropvoeden?"
Detachering
Een aantal gemeenten denkt erover om een detacheringbureau in te schakelen of een eigen bureau op te richten. Zo maak je het aantrekkelijker voor werkgevers om iemand met loondispensatie in dienst te nemen. Andere gemeenten aarzelen, omdat ze bang zijn dat werkgevers alleen nog met detacheringen willen werken, terwijl deze gemeenten de voorkeur geven aan reguliere plaatsingen.
Klantbenadering
Een aantal gemeenten stelt deelname aan de pilot verplicht en sanctioneert als mensen niet meewerken: "Ook mensen met een beperking kunnen verantwoordelijk gesteld worden voor hun acties."
Ook de benadering van klanten is belangrijk. "De mindset moet anders. Niet: verdiensten korten op de uitkering, maar: mensen gaan (voor een deel) eigen inkomen verdienen!"